technische specificaties xl

Technische specificaties

Hedendaagse ingenieurs in de weg- en waterbouwkunde staan nog altijd verbaasd over de vaardigheden van hun Romeinse collega’s, die met veel beperktere middelen dan tegenwoordig uiterst nauwkeurige watersystemen konden aanleggen. Romeinse waterleidingen kennen vaste elementen, die al naar gelang de eisen van het landschap in wisselende combinaties werden toegepast: bron, spreng, bekken, sifon, brug, dam, geul, syfon, cisterne (ondergronds opvangbekken voor water), loden waterleiding, castellum divisorium (waterverdeelstation) en kraan. En eigenlijk hoort daar ook nog een riool bij. De meeste van deze elementen vinden we ook terug in het aquaduct van Berg en Dal en de legioenplaats in Nijmegen.

Gravende legionairs

Gravende legionairs

De totale lengte van het aquaduct is zo’n 5 km. Het hoogste punt, ter hoogte van de Oude Kleefsebaan, lag vermoedelijk rond de 80 meter NAP. De ingang van de legioenplaats op de Hunerberg in Nijmegen-Oost ligt op ca. 52m NAP. Het verval van de waterleiding is vrijwel constant 0,2%. Voor de aanleg van alle verschillende onderdelen is naar schatting zo’n 200.000 m3 grond verplaatst, met name voor de aanleg van dalen (Kerstendal, Louisedal, Mariënboom) en dammen (Cortendijk, Swartendijk, Broerdijk). Het aquaduct was geheel uitgevoerd in aarde en hout, met een houten goot voor het transport van het water. Omdat het hout is vergaan, is van die goot niets teruggevonden.

De waterbehoefte van de legionairs was enorm: niet alleen voor drinkwater, maar ook voor de bereiding van eten en drinken, spoeling van de latrines, drinken voor de paarden en muilezels, water voor de bewoners van het kampdorp en voor de badgebouwen. Bij elkaar wordt de waterbehoefte geschat op zo’n 1 tot 4 miljoen liter per dag. Overigens zal ook de stad Ulpia Noviomagus in Nijmegen-West een aquaduct hebben gehad. De bevolking telde in de tweede eeuw zo’n vijfduizend inwoners, die onder andere gebruik maakten van een enorm openbaar badhuis dat door archeologen in de jaren ’90 is ontdekt bij de Honig-fabriek. Het aquaduct van Noviomagus is echter nog niet teruggevonden.